Het college weigert het persoonsgebonden budget op grond van één of
meerdere van onderstaande redenen:
De cliënt heeft onjuiste of onvolledige gegevens verstrekt;
De cliënt voldoet niet aan de pgb verbonden voorwaarden zoals
omschreven in hoofdstuk 11;
De cliënt gebruikt het pgb niet of voor een ander doel;
De cliënt heeft in de afgelopen 3 jaar misbruik gemaakt van
enige voorziening in het sociale domein, waaronder begrepen het
niet voldoen aan de voorwaarden van een eerder verleende
pgb;
De cliënt neemt deel aan een schuldhulpverleningstraject in het
kader van de Wet schuldsanering natuurlijke personen
(Wsnp);
De cliënt is (volgens de rechtbank) handelingsonbekwaam
verklaard;
De cliënt beschikt niet over een vaste woon- of
verblijfplaats;
De cliënt beschikt niet over een bankrekening;
Op grond van de progressiviteit van een ziektebeeld is te
voorzien dat de maatwerkvoorziening in de vorm van een
hulpmiddel spoedig door een andere voorziening vervangen dient
te worden.
HOOFDSTUK 11
Artikel 39
Afwijzingsgronden
Onderdeel van BELEIDSREGELS MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING DEN HELDER 2016