Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Benoemingsperiode

Onderdeel van Reglement Burgerlijke Stand IJsselstein 2016

De benoeming van de ambtenaren van de burgerlijke stand als bedoeld in artikel 2, lid 1, vindt plaats voor de periode dat zij in dienst zijn van de gemeente. De benoeming van de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand als bedoeld in artikel 2, lid 2, vindt plaats onder de volgende voorwaarden: De buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand wordt in vaste of in tijdelijke dienst benoemd, zie ook de rechtspositieregeling voor de buitengewone ambtenaar van de burgerlijke stand; De buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand wordt voor een in het benoemingsbesluitte bepalen periode benoemd; Raadsleden kunnen maximaal voor de periode dat zij raadslid zijn van de gemeente IJsselstein totbuitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand worden benoemd; Burgemeester en wethouders kunnen maximaal voor de periode dat zij hun functie alsburgemeester of wethouder van de gemeente IJsselstein vervullen, tot buitengewoon ambtenaarvan de burgerlijke stand worden benoemd; Voor personen die eenmalig een huwelijk of partnerschap in de gemeente IJsselstein zullen sluiten geldt de benoeming voor de dag waarop dit rechtsfeit plaatsvindt, onder voorwaarde dat die persoon reeds benoemd en beëdigd is als (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand in een andere gemeente en wier benoeming en beëdiging nog niet is verlopen. De benoeming van een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand in de zin van lid 5 van dit artikel geschiedt pas nadat het bruidspaar of de partners hebben aangegeven betrokken persoon als buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand te wensen. Het schriftelijk of elektronisch verzoek hiertoe geschiedt onder vermelding van de namen en het adres van het bruidspaar of de partners, de dag, het tijdstip en het adres van de locatie, uiterlijk zes weken vóór de totstandkoming van het rechtsfeit aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente IJsselstein. Bij aanvraag dienen afschriften van de benoeming en beëdiging te worden overgelegd. Wanneer men benoemd is ingevolge lid 1, 2, 3, 4 of 5 van dit artikel, dient beëdiging bij derechtbank plaats te vinden alvorens een rechtsfeit kan worden voltrokken. Na de samenstelling van de nieuwe raad en het nieuwe college wordt éénmalig geïnventariseerd wie hiervoor in aanmerking wil komen, de dossiers samengesteld en een collectieve afspraak bij de rechtbank ingepland. Daarna kan men zich één maal per jaar, vóór 1 april aanmelden, en worden zo spoedig mogelijk na 1 april de dossiers samengesteld en een collectieve afspraak bij de rechtbank ingepland Benoemingen die hebben plaatsgevonden vóór de totstandkoming van dit reglement wordengeëerbiedigd. Het college kan nadere regels stellen omtrent de benoembaarheid van (buitengewoon) ambtenaren van de burgerlijke stand.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel