De leden van de referendumkamer, niet zijnde de voorzitter,
ontvangen voor het bijwonen van vergaderingen van de
commissie en andere noodzakelijke bijeenkomsten een
vergoeding van € 125,-- (prijspeil 2010).
De voorzitter van de vergaderingen van de referendumkamer
ontvangt een hogere vergoeding als bedoeld in het eerste
lid. De vergoeding is gelijk aan € 203,50 (prijspeil
2010).
Overige kosten ter zake van andere werkzaamheden of
bemoeiingen ten behoeve van de referendumkamer worden
vergoed op basis van de werkelijk gemaakte en aantoonbare
kosten.
De vergoedingen genoemd in het eerste en tweede lid worden
jaarlijks geïndexeerd met het door het college vastgestelde
materiële prijsstijgingspercentage.
Het college voorziet in de benodigde middelen voor de
werkzaamheden van de referendumkamer.