**1..** Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor
basisonderwijs, zoals bedoeld in de Wet op het primair onderwijs bezoekt, van wie het inkomen
tezamen meer bedraagt dan € 24.300,- wordt slechts bekostiging verstrekt voor zover de kosten
van het vervoer van die leerling de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 10 bepaalde
afstand te boven gaan.
**2..** In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen het vervoer zelf verzorgt dan
wel doet verzorgen, betalen de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een
speciale school voor basisonderwijs bezoekt, per leerling per schooljaar een eigen bijdrage die
gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 10 bepaalde afstand, indien het
inkomen van de ouders meer bedraagt dan € 24.300,-.
**3..** De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede lid, betreffen de kosten van
openbaar vervoer die bij gebruik van de OV-chipkaart of een andere binnen de gemeente geldende
OV-betaalmogelijkheid voor de in artikel 10 bepaalde afstand redelijkerwijs zouden worden
gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of het daadwerkelijk gebruik ervan. Bij
het bepalen van de kosten wordt rekening gehouden met de kortingen die voor de leerling binnen
het systeem kunnen gelden.
**4..** Het bedrag van € 24.300,- genoemd in het eerste en tweede lid, wordt met ingang van 1 januari
2014 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen
werknemers heeft ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond op
een veelvoud van € 450,-. Het aangepaste bedrag treedt in plaats van het in het eerste en tweede lid genoemde bedrag van € 24.300,-.
**5..** Deze bepaling is niet van toepassing op leerlingen die wegens hun structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische handicap op ander vervoer dan openbaar vervoer zijn aangewezen, dan wel vanwege een zodanige handicap niet zelfstandig van openbaar vervoer gebruik kunnen maken.