In artikel 36 is opgenomen dat de regeling kan worden gewijzigd of opgeheven bij daartoe strekkend besluit van de besturen van twee derden van het aantal deelnemende gemeenten. Het algemeen bestuur kan een wijziging in de regeling aan de besturen van de deelnemende gemeenten in overweging geven via een daartoe strekkend voorstel. Het dagelijks bestuur zendt dit voorstel toe aan de besturen van de deelnemende gemeenten. Een deelnemende gemeente kan ook zelf een voorstel tot wijziging doen. In dat geval kan een overeenkomstige procedure gevolgd worden als beschreven in artikel 36, tweede lid.
Naast deze - relatief zware - mogelijkheid om de regeling te wijzigen, is in artikel 8 de mogelijkheid gecreëerd om op een eenvoudiger wijze een wijziging van ondergeschikt belang aan te brengen.
Dit artikel beschrijft verder dat het college van Nijmegen besluiten tot wijziging of opheffing van deze regeling, dan wel tot toetreding of uittreding van deelnemende gemeenten, in de Staatscourant bekend maakt in alle deelnemende gemeenten. Door dit expliciet op te nemen in de regeling kan hierover geen onduidelijkheid bestaan.
HOOFDSTUK 15
Artikel 36
Wijziging en opheffing
Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING GEMEENTELIJKE GEZONDHEIDSDIENST GELDERLAND-ZUID