Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Afdeling 3

Artikel 4:12

Herplantplicht of herplantvergoeding

Onderdeel van APV 2012

1.. Aan een vergunning als bedoeld in artikel 4:11 wordt altijd een herplantplicht of herplantvergoeding verbonden. 2.. De herplantplicht of herplantvergoeding die opgelegd wordt is gebaseerd op de te kappen houtop-standen. Indien de vergunningaanvrager tevens de eigenaar is van de houtopstand bestaat de her-plantplicht uit het herplanten van een aantal houtopstanden dat gelijk is aan de te kappen houtopstanden met een stamomtrek van minimaal 12-14 cm gemeten op 1,00 meter boven het maaiveld. Indien de vergunningaanvrager niet de eigenaar is van de houtopstand wordt een herplant-vergoeding opgelegd waarbij: Voor het kappen van 1 tot en met 5 houtopstanden per te kappen houtopstand € 180,00 in rekening wordt gebracht. Voor het kappen van 6 tot en met 10 houtopstanden het bedrag uit punt i in rekening wordt gebracht voor de eerste 5 houtopstanden plus € 360,00 per te kappen houtop-stand voor houtopstand 6 tot en met 10. Voor het kappen van meer dan 10 houtopstanden het bedrag uit punt i en ii in rekening wordt gebracht plus € 720,00 voor elke volgende houtopstand. 3.. Indien de opgelegde herplantplicht of herplantvergoeding voor de aanvrager van de vergunning ge-volgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot het met in artikel 4:11 en 4:12 te dienen doel, kan hiervan gemotiveerd naar aanleiding van een verzoek van de aanvrager worden afgeweken. 4.. Binnen drie jaar na het verlenen van de kapvergunning dient de herplant te zijn gerealiseerd, indien de herplant binnen deze termijn afsterft is niet voldaan aan de herplantplicht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel