De klachtencommissie stelt klager en (een vertegenwoordiging van) het bestuursorgaan in de gelegenheid in persoon te worden gehoord. Het horen vindt in beginsel plaats in het gemeentehuis.
In voorkomende gevallen kan de commissie het horen opdragen aan de voorzitter of een lid van de commissie.
De klachtencommissie bepaalt of de klager en (een vertegenwoordiging van) het bestuursorgaan in elkaars aanwezigheid dan wel afzonderlijk worden gehoord. In het laatste geval worden zij in de gelegenheid gesteld te reageren op hetgeen de ander naar voren heeft gebracht.
Van het horen kan worden afgezien indien de klager heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord.
Van het horen wordt een verslag gemaakt dat binnen twee weken na het horen aan de gehoorde wordt toegezonden. Een afschrift van het verslag wordt gezonden aan de ‘wederpartij’.
Klager en het bestuursorgaan hebben één week de gelegenheid om te reageren op de verslagen.
Indien het reageren als bedoeld in het vorige lid daartoe aanleiding geeft, kan de klachtencommissie besluiten om klager en (een vertegenwoordiging van) het bestuursorgaan nogmaals in persoon te horen.
Indien zij dat nodig oordeelt, kan de commissie ook derden horen. Ook van dat horen wordt een verslag gemaakt dat binnen twee weken na het horen aan de gehoorde wordt toegezonden en een afschrift aan klager en bestuursorgaan. Lid 5 en 6 zijn hier tevens van toepassing.
Artikel 9 Procedure afhandeling klacht: het horen
Artikel 9 Procedure afhandeling klacht: het horen
Onderdeel van Tijdelijke klachtenregeling bestuurders Capelle aan den IJssel 2016