**1..** Een dagplaatsvergunning kan worden verleend voor het innemen van een standplaats voor het uitoefenen van markthandel op de markt op plaatsen die daarvoor ingevolge het inrichtingsplan in aanmerking komen en die niet worden ingenomen door de houder van een vaste standplaatsvergunning of zijn vervanger omdat voor de plaats geen vergunning geldt, de vergunning is vervallen of omdat de vergunninghouder of zijn vervanger niet in staat of bereid is de plaats in te nemen.
**2..** Voor een dagplaatsvergunning komen in aanmerking degenen die daarvoor op de marktdag vóór de aanvang van de markt bij de marktmeester een aanvraag hebben ingediend, die voldoen aan een eventueel van toepassing zijnd branche- of artikelgroepvereiste en die niet zijn uitgesloten omdat zij gedurende een of meer van de voorafgaande vier marktdagen:
zich op de markt schuldig hebben gemaakt aan wangedrag of bedrog of een bij of krachtens deze verordening gestelde bepaling hebben overtreden, of
niet tijdig het verschuldigde marktgeld hebben voldaan dat wordt geheven op de grondslag van artikel 229 van de Gemeentewet.
**3..** Burgemeester en wethouders kunnen ten aanzien van een gegadigde bepalen dat een uitsluitingsgrond niet geldt of dat voor de toepassing van het vorige lid een langere termijn in aanmerking wordt genomen.
**4..** De dagplaatsvergunning wordt, met inachtneming van het bepaalde in artikel 8 lid 5, door de marktmeester verleend aan de in aanmerking komende gegadigde op volgorde van ontvangst van de aanvragen. Gegadigden die een artikel(soort) wensen te verkopen dat nog niet op de markt verkrijgbaar is, hebben daarbij voorrang.
**5..** Een dagplaatsvergunning kan niet worden overgedragen. De vergunninghouder kan zich niet laten vervangen.