**1..** Onverminderd het bepaalde in artikel 2, lid 2, wordt de verlaging van de uitkering gedurende een maand vastgesteld op:
€ 50,00 bij een gedraging uit categorie 1 ;
€ 200,00 bij een gedraging uit categorie 2;
de gehele bijstandsnorm of grondslag bij een gedraging uit categorie 3.
**2..** Onverminderd het bepaalde in artikel 2, lid 2, wordt de verlaging van de uitkering gedurende drie maanden vastgesteld op de gehele bijstandsnorm van de WWB en gehele grondslag van de IOAW en IOAZ bij een gedraging uit categorie 4.
**3..** In afwijking van het gestelde in het eerste lid bedraagt de verlaging niet meer dan het maandbedrag dat aan WWB-, IOAW- en IOAZ-uitkering voor uitbetaling in aanmerking komt.
**4..** Bij de IOAW en IOAZ wordt een verlaging op grond van het eerste lid a tot en met c van dit artikel en op grond van artikel 9 lid 3 sub a en b, in mindering gebracht na toepassing van de inhoudingen op grond van artikel 10 IOAW en IOAZ.
**5..** Het college kan jaarlijks per 1 januari de bedragen als genoemd in lid 1, onderdelen a, b en c aanpassen door middel van indexering. De bedragen na indexering worden afgerond op een veelvoud van € 5,00.
Hoofdstuk 2
Artikel 5
Hoogte en duur van de afstemming WWB,IOAW/Z
Onderdeel van Afstemmingsverordening gemeente Geertruidenberg 2013