Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 3.

Inspanningen die de persoon heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen

Onderdeel van Beleidsregels individuele inkomenstoeslag Participatiewet Bloemendaal 2015

1.. Van personen die een beroep doen op deze regeling wordt aangenomen dat zij zich naar kracht en bekwaamheden inspannen om hun inkomen te verbeteren. 2.. In afwijking op het eerste lid wordt in ieder geval van de volgende personen aangenomen dat zij onvoldoende inspanning hebben verricht om tot inkomensverbetering te komen: Degene aan wie in de laatste 12 maanden van de referteperiode een maatregel is opgelegd wegens schending van de arbeids- en re-integratieplicht in de zin van artikel 18, tweede lid van de Participatiewet, alsmede de categorieën 2 en 3 van de “Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW, IOAZ”, dan wel een maatregel is opgelegd op grond van artikel 18, vierde lid van de wet, of artikel 20 van de IOAW of IOAZ. Degene aan wie door het UWV in de laatste 12 maanden van de referteperiode een maatregel is opgelegd wegens schending van de arbeids- en re-integratieplicht op grond van de WW, WIA, Wajong, WAO en WAZ.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel