Onder verwijtbare gedragingen wordt onder andere verstaan:
Opzet: Betrokkene heeft bijvoorbeeld:
willens en wetens de regels geschonden;
geen mogelijkheden benut om dit te herstellen;
achteraf geen objectieve rechtvaardiging voor zijn gedrag aangevoerd;
ook de aard van de overtreding (de feiten) kunnen aanleiding zijn om van opzet uit te gaan;
het willens en wetens aanvaarden van de aanmerkelijke kans dat een handelen of nalaten tot gevolg heeft dat de beboetbare gedraging wordt begaan (voorwaardelijke opzet).
Onder opzet wordt mede voorwaardelijk opzet verstaan.
Grove schuld: Betrokkene had redelijkerwijs moeten of kunnen begrijpen dat zijn gedrag tot gevolg kon hebben dat een te hoog bedrag aan uitkering zou kunnen worden toegekend. Enkel onachtzaamheid, het onzorgvuldig handelen of nalaten, is onvoldoende.
Verwijtbaar/schuld: Het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de wet of de verplichtingen bedoeld in artikel 30c, tweede en derde lid, van de Wet SUWI, zonder dat sprake is van opzet, grove schuld of verminderd verwijtbare gedragingen.
Hoofdstuk 2
Artikel 4
Verwijtbare gedragingen
Onderdeel van Beleidsregels bestuurlijke boete SZW gemeente Bloemendaal 2015