In principe is overleg en overreding toe te passen bij elke vorm van inspectie met uitzondering van het nader onderzoek, omdat hierbij sprake is van een herinspectie op overtredingen van een vorige inspectie. Overleg en overreding wordt in principe ingezet op lichte overtredingen waarbij praktijkcontrole op locatie niet noodzakelijk is. Aanvullende afspraken worden in de werkafspraken tussen de gemeenten en GGD vastgelegd. Overleg en overreding vallen binnen de gebruikelijk inspectie-uren. In een incidentele situatie, bijvoorbeeld als er een nader onderzoek op locatie nodig is, worden, na overleg met de gemeente, eventueel extra uren in rekening gebracht.
Overleg en overreding vindt alleen plaats in de ‘conceptfase’. Met ‘conceptfase’ wordt bedoeld: het moment tussen het inspectiebezoek en de hoor- en wederhoor. Ondanks dat overleg en overreding plaatsvindt, wordt wel direct na het inspectiebezoek een conceptrapport opgesteld en verstuurd naar de houder. Het uitwerken van het conceptrapport wordt niet uitgesteld omdat dit te veel vertraging teweeg zou brengen.
In het conceptrapport geeft de toezichthouder in de ‘Beschouwing’ een nadere uitleg over het inzetten van overleg en overreding. In het definitieve rapport worden de resultaten hiervan weergegeven in ‘Advies aan de gemeente’.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.2.
Toepassen overleg en overreding
Onderdeel van Regionaal beleidskader toezicht en handhaving kinderopvang en peuterspeelzaalwerk Brabant-Zuidoost gemeente Oirschot