De betrokkene die van het college opdracht heeft gekregen naar de gemeente Ede te verhuizen heeft, zolang hij in aanmerking kan komen voor een tegemoetkoming in de verhuiskosten, aanspraak op een tegemoetkoming in de kosten voor het dagelijks reizen tussen de woning en de plaats van tewerkstelling.
Een betrokkene als bedoeld in het eerste lid, die naar het oordeel van het college niet dagelijks heen en weer kan reizen, heeft, tenzij van gemeentewege al dan niet tegen betaling in huisvesting wordt voorzien, aanspraak op een tegemoetkoming in de pensionkosten voor verblijf in een pension in of nabij de gemeente Ede naast een tegemoetkoming voor ten hoogste eenmaal per week in de reiskosten naar de plaats waar hij metterwoon nog gevestigd is. Indien de betrokkene er niet in slaagt om een pension in de gemeente Ede te betrekken en hij zich naar het oordeel van het college daartoe voldoende inspanningen heeft getroost, heeft hij tevens aanspraak op een tegemoetkoming in de kosten voor het dagelijks reizen tussen het pension en de plaats van tewerkstelling.
De tegemoetkoming in pensionkosten bedraagt 90% van de betaalde pensionkosten, voor zover deze pensionkosten niet uitgaan boven het in artikel 40:1:1:6, lid 7, opgenomen bedrag per maand.
De tegemoetkoming in reiskosten voor gezinsbezoek dan wel voor het bezoeken van de plaats waar betrokkene nog is gehuisvest is gelijk aan de kosten van het gebruik van het openbaar vervoer en wel naar het tarief van de laagste klasse.
Indien een betrokkene als bedoeld in het eerste en tweede lid, naar het oordeel van het college niet alles, wat redelijkerwijs van hem mag worden verwacht, heeft gedaan om zo spoedig mogelijk te verhuizen, komt hij niet langer in aanmerking voor tegemoetkomingen als bedoeld in het eerste en tweede lid.
Een betrokkene die een functie voor betrekkelijk korte duur bekleedt of voor betrekkelijk korte duur elders is geplaatst en om die reden geen opdracht heeft gekregen te verhuizen kan een tegemoetkoming in de reiskosten als bedoeld in het eerste lid worden verleend, dan wel een tegemoetkoming overeenkomstig het tweede lid, indien de betrokkene naar het oordeel van het college niet dagelijks heen en weer kan reizen.
Ongeacht of er sprake is van een opdracht als bedoeld in het eerste lid van dit artikel heeft elke betrokkene gedurende de eerste drie maanden na indiensttreding bij de gemeente Ede, recht op een tegemoetkoming in de reiskosten. De bedragen voor vergoeding zijn opgenomen in artikel 40:1:1:6, lid 1 t/m 6.