Naar hoofdinhoud
1.. Voor zover er geen gronden zijn de aanvraag af te wijzen, kan het college een lager bedrag verlenen dan aangevraagd, indien: Het college niet alle activiteiten noodzakelijk acht voor het bereiken van de doelstellingen van het college; Er binnen de begroting onvoldoende middelen beschikbaar zijn om subsidie voor het aangevraagde bedrag te verlenen; De aanvraag tot subsidieverlening later is gedaan dan de termijn die in de ASV is bepaald. 2.. De lagere verlening als bedoeld in het eerste lid onder c bedraagt 2% per maand, waarbij de maand waarin de aanvraag wordt ingediend, wordt geteld als volledige maand.

Rechtspraak bij dit artikel