Het verzoek om kwijtschelding moet worden ingediend op een daartoe opgesteld verzoekformulier. Het verzoek om kwijtschelding moet zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen 10 maanden na de dagtekening van de aanslag waarvoor kwijtschelding wordt aangevraagd, ingediend worden bij de medewerker belastingen. Dit geldt niet voor reeds betaalde belastingaanslagen. Daarvoor geldt artikel 26.1.1 van deze Leidraad.
Als de belastingschuldige een verzoek om kwijtschelding indient, maar dit niet doet op het daartoe bestemde formulier, neemt de medewerker belastingen het verzoek niet als zodanig in behandeling. De medewerker belastingen zendt een verzoekformulier aan de belastingschuldige en stelt deze in de gelegenheid het verzoek alsnog binnen 10 dagen in te dienen.
In afwachting hiervan wordt de invordering in beginsel opgeschort. Als de belastingschuldige het formulier niet terugzendt, wijst de medewerker belastingen het verzoek af.
Artikel 26.1.2
Het indienen van een verzoek om kwijtschelding
Onderdeel van Leidraad invordering publiekrechtelijke vorderingen Rijssen-Holten