Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.3

Overige vergoedingen

Onderdeel van Verordening Inburgering Laarbeek 2015

1.. Het college kan een vergoeding verstrekken voor kosten die gemaakt zijn in het kader van inburgering indien er geen voorliggende voorziening voorhanden is. 2.. Een eventuele vergoeding wordt vastgesteld op de goedkoopste adequate voorziening. 3.. Wanneer het inkomen van de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 2.1, hoger is dan de in aanmerking te nemen middelen voor draagkracht op grond van richtlijn B137 van de Beleidsregels Participatiewet wordt geen vergoeding verstrekt. 4.. Voor het bepalen van een draagkracht is richtlijn B063 van de Beleidsregels Participatiewet van overeenkomstige toepassing. 5.. Een reiskostenvergoeding kan alleen worden verstrekt aan een inburgeringsplichtige die deelneemt aan een gecombineerde voorziening (inburgeringstraject in het kader van een re-integratietraject). Voor het bepalen van de hoogte van de reiskostenvergoeding zijn de Nadere regels Re-integratieverordening Participatiewet Laarbeek 2015 van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel