**1..** De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 4.1,
eerste lid, bedraagt maximaal € 250,00 indien de
inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige als
verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt aan
dezelfde overtreding.
**2..** De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 4.1,
tweede lid, bedraagt maximaal € 500,00 indien de
inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige als
verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt aan
dezelfde overtreding.
**3..** De bestuurlijke boete bedraagt maximaal € 600,00 indien de
inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van
artikel 32 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen
heeft behaald.
**4..** De bestuurlijke boete bedraagt maximaal € 1.000,00 indien de
inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van
artikel 33 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen
heeft behaald.
**6..** Het college stemt de hoogte van de bestuurlijke boete af op de ernst
van de nalatige gedraging, de mate waarin deze nalatige gedraging
aan de inburgeringsplichtige kan worden verweten en houdt rekening
met de omstandigheden waarin de inburgeringsplichtige verkeert.
**7..** Het college kan afzien van het opleggen van een bestuurlijke boete
als daarvoor dringende redenen aanwezig zijn.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.2
Verhoging van de bestuurlijke boete bij herhaling van de overtreding
Onderdeel van Verordening Inburgering Laarbeek 2015