**1..** Zowel het algemeen bestuur, met in achtneming van het bepaalde in artikel 13, lid 7, als de raad en het college van burgemeester en wethouders in gezamenlijkheid, kunnen voorstellen doen tot opheffing van de regeling.
**2..** Een voorstel als bedoeld in het eerste lid dat uitgaat van de raden en de colleges van burgemeester en wethouders, dient te worden ondersteund door een aantal deelnemers dat tezamen twee derde van de aanwezige stemmen in de vergadering van het algemeen bestuur vertegenwoordigt.
**3..** Het algemeen bestuur legt het voorstel tot opheffing ter beslissing voor aan de raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten.
**4..** Opheffing van de regeling vindt plaats indien de raden en de colleges van burgemeester en wethouders, die tezamen twee derde van de aanwezige stemmen in het algemeen bestuur vertegenwoordigen, daaroe besluiten.
**5..** Ingeval van opheffing van de gemeenschappelijke regeling besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regelen.
**6..** Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, nadat de raden van de gemeenten gedurende twee maanden hun zienswijze hebben kunnen inbrengen, vastgesteld.
**7..** Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de beëindiging heeft voor het personeel.
**8..** Het liquidatieplan geeft regels voor de wijze waarop de gemeenten, voor zover het saldo ontoereikend is, zorg dragen voor de nakoming van de verplichtingen van Avres.
**9..** Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie.
**10..** Het bestuur van Avres blijft ook na het tijdstip van opheffing in functie, totdat de liquidatie volledig is voltooid.
**11..** Het besluit tot opheffing wordt door het bestuur van de gemeente Gorinchem toegezonden aan het college van gedeputeerde staten.