Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning 2016

In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: algemeen gebruikelijke voorziening: voorziening die niet speciaal is bedoeld voor mensen met een beperking en die algemeen verkrijgbaar is en niet of niet veel duurder is dan vergelijkbare producten; andere voorziening: voorziening anders dan in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; bijdrage: bijdrage als bedoeld in artikel 2.1.4, eerste lid, van de wet; gesprek: gesprek in het kader van het onderzoek als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; hulpvraag: behoefte aan maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; melding: melding aan het college als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet; ondersteuningsplan: plan dat in samenspraak met de cliënt en/of diens vertegenwoordigeren de eventuele mantelzorger wordt opgesteld met betrekking tot de benodigde zorg enondersteuning. Ondersteuningsplan: beschrijft de ondersteuning die de cliënt nodig heeft en de invulling van (een gedeeltelijke) maatwerkvoorziening. persoonlijk budgetplan: plan dat de aanvrager voor een maatwerkvoorziening indient termotivering de voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget verstrekt te krijgen. persoonlijk plan: plan dat de hulpvrager –al dan niet tezamen met zijn persoonlijke netwerk opgesteld- kan indienen voorafgaand aan het onderzoek door de gemeente. pgb: persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 1.1.1 van de wet; vertegenwoordiger: persoon of rechtspersoon die een cliënt vertegenwoordigt die niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake; voorliggende voorziening: algemene voorziening of andere voorziening waarmee aan de hulpvraag wordt tegemoetgekomen; wet: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel