a.De exploitant betaalt ais bijdrage in de kosten, verband houdende met het
verlenen van medewerking aan het in exploitatie brengen van gronden, het
bedrag dat volgens de voorgaande bepalingen aan zijn onroerende zaak wordt toegerekend,
vermeerderd met de kosten op de afstand van de gronden bestemd voor de aanleg én/of
aanpassing van voorzieningen van openbaar nut vallende en de kosten van kadastrale
uitmeting.
Indien - en voorzover artikel 2 onder b c.q. artikel 5b sub 4 van toepassing
is - wordt de exploitatiebijdrage verminderd met de inbrengwaarde van de bij de exploitant
in eigendom zijnde en voor exploitatie bedoelde gronden welke zijn bestemd
voor het treffen van voorzieningen van openbaar nut en door exploitant aan
de gemeente worden afgestaan.
b.De waarde van de in lid a, tweede volzin, bedoelde grond die door de
exploitant is ingebracht, wordt door de gemeente en de exploitant gezamenlijk door middel
van taxatie vastgesteld. Indien hierover geen overeenstemming kan worden
bereikt, wordt deze waarde vastgesteld door een commissie van drie deskundigen, van wie één
aan te wijzen door de gemeente, één door de exploitant en een derde door de beide
reeds aangewezen deskundigen of, indien zij het daarover niet eens kunnen worden,
door de ter zake bevoegde kantonrechter.
c.Indien en voorzover de exploitant zelf conform artikel 5, lid b sub 5
voorzieningen van openbaar nut aanlegt wordt bij het bepalen van de exploitatiebijdrage
rekening gehouden met de kosten van de door exploitanten uit te voeren werkzaamheden.
d.Van de exploitant kan een bijdrage worden verlangd in vanwege de raad
ingestelde fondsen ten behoeve van buiten het exploitatiegebied aanwezige
en/of te realiseren voorzieningen van openbaar nut. De raad stelt de hoogte van de bijdragen aan
dergelijke fondsen periodiek vast.