In afwijking van artikel 1.15 van de Regeling POP hanteren Gedeputeerde Staten, op basis van de selectie door de LAG, voor de rangschikking van de aanvragen bedoeld in artikel 1.15 van de regeling POP de volgende criteria:
De mate waarin het project bijdraagt aan de doelen en subdoelen van de LOS, die zijn omschreven bij de volgende thema’s:
economische impuls bij achterblijvende minder verstedelijkte regio’s;
activiteiten of ontmoetingsplaatsen die de sociale cohesie op het platteland vergroten, zeker daar waar men sterker afhankelijk is van nabuurschap;
uitbreiden en verbeteren van de toeristische en agrotoeristische infrastructuur;
De mate waarin het project draagvlak heeft uitgaande van:
communicatie over het project;
overleg met belanghebbenden;
brede lokale en regionale steun;
De mate waarin het project blijk geeft van continuïteit en toekomstig beheer en onderhoud.
De mate waarin het project haalbaar is vanuit financieel en organisatorisch oogpunt, hetgeen blijkt uit:
de organisatiebeschrijving;
de expertise van de initiatiefnemer;
het realisme van het tijdpad;
een sluitende en transparante begroting;
het dekkingsplan;
De mate waarin het project vernieuwend is voor de streek Oost-Groningen;
De integraliteit van het project als het gaat om het bedienen van meerdere doelgroepen en zicht op spin-off;
De educatieve waarde van het project;
De mate waarin een project toepasbaar is op een andere plek binnen of buiten de regio Oost-Groningen.