Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 4.

Het opdragen van een tegenprestatie

Onderdeel van Verordening Tegenprestatie Participatiewet Rhenen 2015

1.. Het college kan een belanghebbende met een grote afstand tot de arbeidsmarkt een tegenprestatie opdragen. 2.. Het college kan een belanghebbende met een korte afstand tot de arbeidsmarkt uitsluitend een tegenprestatie opdragen indien bijzondere omstandigheden dat rechtvaardigen. 3.. Bij het opdragen van een tegenprestatie houdt het college rekening met de volgende factoren; de tegenprestatie moet naar vermogen kunnen worden verricht door een belanghebbende; de persoonlijke situatie en individuele omstandigheden van een belanghebbende moeten in aanmerking worden genomen; de persoonlijke wensen en kwaliteiten van een belanghebbende moeten in overweging worden genomen; als een belanghebbende al maatschappelijk nuttige activiteiten of vrijwilligerswerk verricht, moet daarmee rekening worden gehouden. 4.. Het college legt de opdracht tot het verrichten van een tegenprestatie vast in een beschikking. Hierin wordt in ieder geval vermeld: De aard van de tegenprestatie De duur en omvang van de tegenprestatie.

Rechtspraak bij dit artikel