Naar hoofdinhoud

Artikel 5

De afdelingsmanager

Onderdeel van Organisatieverordening GR Samenwerking A2-Gemeenten

1.. De afdelingsmanager wordt benoemd, geschorst en ontslagen door de directieraad op voordracht van de manager A2 Samenwerking. 2.. Vervanging van de afdelingsmanagers vindt primair horizontaal plaats. Bij afwezigheid van de afdelingsmanager wordt zijn functie uitgeoefend door een collega afdelingsmanager of de manager A2 Samenwerking. In het managementteam worden hierover afspraken gemaakt. In bijzondere situaties kan de manager A2 Samenwerking afwijken van dit uitgangspunt. 3.. De afdelingsmanager geeft integraal leiding aan een afdeling, waaronder de verantwoordelijkheid voor: het direct aansturen en coachen van teamleider(s) en medewerkers; het voeren van HR-gesprekken (functioneren en beoordelen); het formuleren en bewaken van de doel- en taakstellingen van de eenheid; de kwaliteit, kwantiteit en tijdigheid van de geleverde producten en diensten; de bedrijfsvoering en het beleid en beheer van het samenwerkingsonderdeel; het bewaken van processen en budgetten, afstemming en samenwerking tussen de verschillende organisatie-eenheden. 4.. De afdelingsmanager is verantwoordelijk voor (beleids)initiëring,- ontwikkeling en – uitvoering op het werkterrein van de organisatie-eenheid, waaronder: het signaleren en analyseren van in- en externe ontwikkelingen de vertaling hiervan in (beleids)initiatieven en instrumenten; het toetsen van (beleids)voornemens op effect. 5.. De afdelingsmanager adviseert en rapporteert de directieraad over de realisatie van gestelde doelen, inzet van middelen en beleidsontwikkelingen op het werkterrein van de eenheid. 6.. De afdelingsmanager fungeert als sparringpartner van de portefeuillehouders van het betreffende samenwerkingsonderdeel. 7.. De afdelingsmanager legt voor de uitvoering van zijn taken verantwoording af aan de manager A2 Samenwerking.

Rechtspraak bij dit artikel