Hoofdstuk 10a is niet van toepassing op de ambtenaar die op of na 1
juli 2008 wordt ontslagen. (Zie ook artikel 10a:38 lid 1.)
In deze paragraaf wordt verstaan onder ‘diensttijd’: de aan
het ontslag voorafgaande in overheidsdienst doorgebrachte
tijd waaraan het deelnemerschap in de zin van het
pensioenreglement is verbonden, alsmede tijd die door inkoop
voor pensioen geldig zou zijn verklaard.
Onder diensttijd bedoeld in het eerste lid wordt mede
verstaan de tijd doorgebracht in de betrekking waaruit de
werkloosheid is ontstaan, indien aan die tijd op grond van
de Regeling beperking van het zijn van overheidswerknemer in
de zin van de wet Privatisering ABP (Stc. 1997, 164) het
ambtenaarschap in de zin van evengenoemde regeling niet is
verbonden.
In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid
blijft buiten beschouwing:
diensttijd liggende vóór een onderbreking van meer
dan een jaar;
diensttijd welke in aanmerking is genomen bij de
berekening van de duur van een eerder toegekend
wachtgeld, een daarmee gelijk te stellen uitkering
wegens onvrijwillige werkloosheid of een
bovenwettelijke uitkering wegens onvrijwillige
werkloosheid ten laste van de overheid;
diensttijd welke in aanmerking is genomen bij de
berekening van een pensioen krachtens het
pensioenreglement dan wel voorafgaat aan een ontslag
verleend op grond van artikel 8:3 van deze regeling
of een soortgelijke bepaling in een andere
overheidsregeling;
tijd, bedoeld in de artikelen 5.3, 5.4 en 5.5 van
het pensioenreglement;
tijd in een aangehouden betrekking, dan wel in een
betrekking welke de betrokkene had kunnen aanhouden,
doch uit welke hij vrijwillig werkloos is geworden
met ingang van de datum waarop de uitkering
krachtens de Werkloosheidswet ingaat.
Hoofdstuk 10a › Paragraaf 3
Artikel 10a:14
Diensttijd
Onderdeel van Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling (CAR) en Uitwerkingsovereenkomst (UWO) 2016 gemeente Borger-Odoorn