1.In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
aanmelding: het moment waarop belanghebbende zich tot het college wendt voor integrale schuldhulpverlening;
Awb: Algemene wet bestuursrecht;
Bbz 2004: Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004;
belanghebbende: de natuurlijke persoon die zich tot de Stadsbank Apeldoorn heeft gewend voor integrale schuldhulpverlening. Hieronder wordt tevens de eventuele partner verstaan;
college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Apeldoorn;
crisis: een bedreigende situatie als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de wet;
integrale schuldhulpverlening: zoals omschreven in de kaderstelling;
kaderstelling: de Kaderstelling Integrale Schuldhulpverlening 2016-2019;
no show: het zonder bericht van verhindering niet verschijnen op de uitnodiging na een aanmelding voor integrale schuldhulpverlening;
NVVK: Vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren;
onverwijld: binnen 7 kalenderdagen nadat de wijziging/omstandigheid zich heeft voorgedaan, dan wel het kenbaar werd of redelijkerwijs kenbaar had kunnen zijn voor belanghebbende;
overeenkomsten: overeenkomsten die belanghebbende in het kader van de integrale schuldhulpverlening met de Stadsbank afsluit, waaronder de schuldregelingsovereenkomst en de budgetbeheerovereenkomst;
sociaal wijkteam (SWT): het door het zorgnetwerk SWT samengestelde team ambulante begeleiders, dat
ondersteuning en hulpverlening biedt aan mensen met meervoudige problemen in Apeldoorn;
Stadsbank: Stadsbank Apeldoorn, de gemeentelijke kredietbank, organisatorisch ondergebracht bij de eenheid Werkplein Activerium van de gemeente Apeldoorn;
startgesprek: het eerste gesprek als bedoeld in artikel 4 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening;
integrale schuldhulpverlening: de gehele periode waarin het college de belanghebbende ondersteunt bij het stabiliseren van zijn financiële situatie en zo mogelijk oplossen van zijn schuldensituatie. Het traject start zodra het college de belanghebbende toegang verleent tot integrale schuldhulpverlening en loopt tot en met het moment dat het college de integrale schuldhulpverlening heeft beëindigd;
verwijtbare beëindiging: een beëindiging is in ieder geval verwijtbaar als belanghebbende de verplichtingen niet is nagekomen, terwijl dit wel kon en er geen sprake was van overmacht. Ook is er sprake van een verwijtbare beëindiging als de belanghebbende zelf om de beëindiging heeft verzocht;
wet: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs);
WSNP: Wet schuldsanering natuurlijke personen;
zeer ernstige misdragingen: hieronder worden diverse vormen van agressie verstaan, waarbij sprake moet zijn van verwijtbaarheid en van gedrag dat in het normale maatschappelijk verkeer in alle gevallen als onacceptabel kan worden beschouwd;
zelfstandig ondernemers: natuurlijke of rechtspersoon met een inschrijving bij de Kamer van Koophandel.
Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de wet, de kaderstelling, de Algemene wet bestuursrecht en de Gemeentewet.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsbepaling
Onderdeel van Beleidsregels integrale schuldhulpverlening 2016