**1..** Nadat de voorzitter een agendapunt aan de orde heeft gesteld,
kunnen aanwezigen die geen lid zijn van de raad, daarover het
woord voeren.
**2..** Het woord kan niet gevoerd worden over:
een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en
beroep openstaat of heeft opengestaan;
benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van
personen;
een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de
Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden
ingediend.
**3..** Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit ten
minste 24 uur voor de aanvang van de vergadering aan de
griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en
telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord wil
voeren.
**4..** Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord.
**5..** De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
verleend. De voorzitter kan de deelnemers aan de vergadering
toestaan aan insprekers een korte, verhelderende vraag te
stellen. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en
deelnemers van de vergadering.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 2.
Artikel 18.
Spreekrecht burgers
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad