Een parkeervergunning zoals bedoeld in artikel 3.2 onder a kan
worden verleend aan de houder van een motorvoertuig, die als
bewoner in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens
op een adres staat ingeschreven en van wie het adres een
zelfstandige woning betreft, gelegen binnen het gebied waar
vergunninghouderparkeerplaatsen en/of mede door
vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen
aanwezig zijn.
In de binnenstad kan maximaal één vergunning per zelfstandige
woning worden verleend.
In de schilwijken kunnen maximaal twee vergunningen per
zelfstandige woning worden verleend.