Uitvoering van de Bibob-toets vindt in beginsel plaats bij elke aanvraag voor een beschikking als bedoeld in artikel 3 van de Drank- en horecawet (niet-zijnde een paracommerciële horeca-inrichting).
Uitvoering van de Bibob-toets vindt in beginsel ook plaats bij een aanvraag voor de volgende beschikkingen op grond van de Drank- en Horecawet:
een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet;
een melding als bedoeld in artikel 30a van de Drank- en horecawet;
een aanvraag als bedoeld in artikel 3 van de Drank- en horecawet, in het geval dat er sprake is van een paracommerciële inrichting.
als:
er sprake is van ambtelijke informatie en/of informatie afkomstig van één van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC en/of vanuit het OM verkregen informatie als bedoeld in de artikelen 11a en 26 juncto 11 van de Wet Bibob, die een aanleiding vormen tot een vermoeden dat de beschikking zal worden gebruikt als bedoeld in artikel 3 van de Wet Bibob;
er aanleiding is om actief navraag te doen bij het Landelijk Bureau Bibob en daaruit blijkt, dat tegen de betrokkene, in de afgelopen twee jaar advies is uitgebracht of een adviesaanvraag in behandeling is genomen bij het Landelijk Bureau Bibob.
Paragraaf 2
Artikel 3
Beschikkingen op grond van de Drank- en Horecawet
Onderdeel van Beleidslijn Wet Bibob Gemeente Zwijndrecht 2016