Een taaltoets blijft achterwege als:
het college vaststelt dat elke vorm van verwijtbaarheid om aan de taaleis te voldoen ontbreekt. Elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt als aan één van de punten in artikel 7 wordt voldaan;
belanghebbende inburgeringsplichtig is en nog moet starten met het Inburgeringstraject;
tijdens een vorige uitkeringsperiode al een taaltoets is afgenomen en is vastgesteld dat belanghebbende de Nederlandse taal beheerst;
tijdens een vorige uitkeringsperiode al een taaltoets is afgenomen en is vastgesteld dat
belanghebbende de Nederlandse taal onvoldoende beheerst, en daarbij is vastgesteld
dat door in de persoon gelegen factoren belanghebbende niet is staat is om de
Nederlandse taal op referentieniveau 1F machtig te worden;
belanghebbende die een uitkering ontving in een andere gemeente in die gemeente al een taaltoets heeft afgelegd. De toetsresultaten kunnen worden overgenomen, als deze voldoende zekerheid bieden over de actuele taalvaardigheid; of
uit zijn aard kortdurende bijstand wordt verleend. Dat kan zich bijvoorbeeld voordoen bij op handen zijnde emigratie of bij een ongeneeslijke terminale ziekte van belanghebbende.