**1..** Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Awb:
als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde
lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie
onverenigbaar is met de interne mark;
als het betreft een aanvrager tegen wie een bevel tot
terugvordering uitstaat ingevolge een eerdere beschikking
van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en
onverenigbaar met de interne markt is verklaard;
als de aanvrager voor het jaar of de jaren waarop de
aanvraag betrekking heeft met een functionaris een
bezoldiging als bedoeld in artikel 1.1, onder e, van de Wet
normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en
semipublieke sector overeenkomt of is overeengekomen die
hoger is dan het bedrag, bedoeld in artikel 2.3, eerste lid,
van die wet.
**2..** Het eerste lid, aanhef en onder c, is niet van toepassing als:
de aanvrager bij de indiening van de aanvraag aannemelijk
maakt dat de subsidie niet wordt besteed aan die
bezoldiging, of
het betreft een aanvraag om een subsidie die lager is dan €
125.000 of een subsidie die minder dan 10 % van de totale
omzet van de aanvrager bedraagt.
**3..** Onverminderd de vorige leden weigert het college de subsidie in
ieder geval voor zover de subsidieverstrekking in strijd zou zijn
met een Europees steunkader omdat:
subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager die een
onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld
in het desbetreffende steunkader, of
de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het
desbetreffende steunkader.
**4..** Onverminderd de vorige leden kan het college de subsidie verder in
ieder geval weigeren:
als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in
overwegende mate gericht zijn op de gemeente Nuenen of haar
ingezetenen of als ze onvoldoende ten goede komen aan de
gemeente Nuenen of haar ingezetenen;
als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor
het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt
gevraagd;
als uit de bij de aanvraag ingediende begroting blijkt dat
de aanvrager zelf in staat is een sluitende begroting tot
stand te brengen tenzij het betreft een organisatie die geen
eigen (reguliere) inkomsten heeft;
als uit de financiële positie van de aanvrager (het vrij
beschikbare eigen vermogen, de hoogte van de reserves en
voorzieningen en het doel en noodzaak van deze reserves en
voorzieningen) blijkt dat de subsidie niet noodzakelijk is
voor de activiteiten waarvoor deze worden aangevraagd;
als uit het meerjaren beleidsplan blijkt dat aanvrager geen
maatregelen heeft genomen of zal nemen om inkomsten en
uitgaven met elkaar in evenwicht te brengen, door o.a.
contributieverhoging, fondsverwerving, vrijwilligersinzet,
verlaging van de accommodatiekosten en het aanwenden van
eigen vermogen of anderszins;
het vrij beschikbare eigen vermogen mag niet méér bedragen
dan drie maal het aangevraagde subsidiebedrag; bij de
bepaling van het vrij beschikbare vermogen worden
noodzakelijke voorzieningen en noodzakelijke reserves buiten
beschouwing gelaten; bovendien mag een deel van het vermogen
worden ingezet om de begroting sluitend te maken;
als de hoogte van te verlenen subsidie niet in redelijke
verhouding staat tot het aantal deelnemers aan de
activiteiten;
indien de subsidie lager dan € 500 zou zijn;
voor zover de aanvrager meer dan de maatschappelijke prijs
betaalt voor het gebruik van de accommodatie. Bij
subsidieregeling kan een referentieprijs worden vastgesteld.
Afwijkingen boven de referentieprijs moeten worden
verantwoord als zijnde noodzakelijk voor de eigen
activiteiten. Deze worden niet gesubsidieerd;
in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3
van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het
openbaar bestuur;
als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om
voor subsidie in aanmerking te komen;
als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een
wettelijk voorschrift;
als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de
Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde
lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie
verenigbaar is met de interne markt;
in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde
gevallen.
**5..** Het college kan een subsidie in ieder geval intrekken in het geval
en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering
integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.
**6..** Het college vordert een subsidie met rente terug als dit nodig is
ter uitvoering van een terugvorderingsbesluit van de Europese
Commissie of een onherroepelijke rechterlijke uitspraak.
Hoofdstuk 3
Artikel 9
Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden
Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Nuenen c.a. 2016