Naar hoofdinhoud
1.. Voor leidingen die op de datum van inwerkingtreding van deze verordening in, op of boven een openbare plaats, een openbaar water of in of op een civiel kunstwerk aanwezig en in gebruik zijn, geldt een daarvoor verleende toestemming of vergunning, als een vergunning krachtens deze verordening; 2.. Indien naar het oordeel van het college een toestemming of vergunning verleend voor de datum van inwerkingtreding van deze verordening niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens deze verordening, kan het college de houder van die vergunning of toestemming een termijn stellen waarbinnen nadere informatie over een leiding moet worden verschaft dan wel een aanvraag voor een nieuwe vergunning moet worden gedaan. Indien de leidingexploitant binnen de gestelde termijn geen gehoor geeft aan de opdracht van het college vervalt de toestemming of de vergunning.

Rechtspraak bij dit artikel