Elk lid van de raad kan buiten de vergadering aan de burgemeester of het college schriftelijk vragen stellen.
Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De vragen kunnen van een toelichting worden voorzien.
De vragen worden via de griffier bij de voorzitter van de raad ingediend. De griffier draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad en het college worden gebracht.
Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in elk geval binnen veertien kalenderdagen, nadat de vragen zijn binnengekomen. De termijn van veertien kalenderdagen start nadat de vragen op digitale wijze ter beschikking van de voorzitter van de raad zijn gesteld.
Als beantwoording niet binnen deze termijn kan plaatsvinden, stelt het college de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een antwoord.
De vragen en antwoorden worden aan de leden digitaal toegezonden en geplaatst op de lijst van ingekomen stukken van de eerstvolgende oordeelsvormende of besluitvormende vergadering (termijn sluit op de vrijdag voorafgaand aan de vergadering om 12.00 uur).
Hoofdstuk 3
Artikel 39
Schriftelijke vragen
Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Sliedrecht 2016