Naar hoofdinhoud

Afdeling II

Artikel 3

Aanwijzen vergunninggebieden, tijdstippen

Onderdeel van Parkeerverordening Breda 2013

1.. Het college kan gebieden aanwijzen die bestemd zijn voor het parkeren door vergunninghouders op zowel belanghebbendenplaatsen als parkeerapparatuurplaatsen. 2.. Het college kan individuele straten en gedeelten van het Stadshart aanwijzen, waarvan de bewoners onder nader te noemen voorwaarden een vergunning kunnen verkrijgen in hiertoe aangewezen vergunninggebieden, zoals genoemd in lid 1. 3.. Het college kan een of meer parkeerterreinen aanwijzen die mede bestemd zijn voor het parkeren door overige vergunninghouders en kort parkeren (parkeerapparatuurplaatsen) als bedoeld in artikel 10. 4.. Het college kan per gebied, zoals genoemd in lid 1, de tijdstippen vaststellen waarop het parkeren aan vergunninghouders is toegestaan. 5.. Het college kan gebieden aanwijzen waarbinnen parkeren voor bezoekers van huishoudens op straat is toegestaan. 6.. Het college kan gebieden aanwijzen waarbinnen parkeren voor bezoekers van huishoudens in garages is toegestaan. 7.. Het college kan per gebied, zoals genoemd in lid 1, de tijdstippen vaststellen waarbinnen de bezoekersvergunningen en de bezoekersregeling gebruikt kunnen worden. 8.. Het college duidt de als belanghebbendenplaats aangewezen gebieden uit het eerste lid aan met bord E9, met het opschrift zone, uit bijlage I van het RVV 1990;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel