**1..** Indien in enig kalenderjaar de vakantie geheel of gedeeltelijk niet
is verleend:
op verzoek van de ambtenaar;
als gevolg van afwezigheid wegens ziekte die niet aan de
schuld of nalatigheid van de ambtenaar is te wijten of
als gevolg van verblijf in militaire dienst anders dan voor
eerste oefening, wordt de niet genoten vakantie in een
volgend kalenderjaar verleend, tenzij het belang van de
dienst of de belangen van de andere ambtenaren zich
daartegen verzetten.
Een verzoek als bedoeld onder a kan achterwege blijven,
indien de niet genoten vakantie minder is dan een nader door
het college te bepalen aantal uren.
**2..** De wegens ziekte tijdens een vakantie niet genoten vakantie-uren
worden als niet verleend beschouwd, indien de ambtenaar aannemelijk
kan maken dat hij, ware hem geen vakantie verleend, op die uren
verhinderd zou zijn geweest zijn functie te vervullen.
**3..** Het bepaalde in het eerste en tweede lid geldt met dien verstande,
dat de ambtenaar in enig kalenderjaar nimmer meer vakantie-uren kan
opnemen dan anderhalf maal het hem bij of krachtens artikel 6:2 lid
1 toekomende aantal uren tenzij op een desbetreffend verzoek van de
ambtenaar uitdrukkelijk anders is beslist.
Hoofdstuk 6
Artikel 6:2:6
Artikel 6:2:6
Onderdeel van Collectieve Arbeidsvoorwaarden en Uitwerkingsovereenkomst