1.Burgemeester en wethouders zijn, indien toepassing van deze
verordening zou leiden tot weigering van een urgentieverklaring,
bevoegd om toch een urgentieverklaring toe te kennen indien:
a.weigering van een urgentieverklaring leidt tot een schrijnende
situatie; en,
b.sprake is van bijzondere, bij het vaststellen van de verordening
onvoorziene, omstandigheden die gelet op het doel van de verordening
redelijkerwijs toch een grond voor de verlening van een
urgentieverklaring zouden kunnen zijn.
2.Burgemeester en wethouders registreren de gevallen waarin met
toepassing van het in het eerste lid bepaalde een urgentieverklaring
wordt verleend. De registratie bevat tenminste de datum waarop de
urgentieverklaring wordt verleend en de specifieke omstandigheden
van het geval die leiden tot de verlening van de urgentieverklaring.
De registraties worden tenminste eenmaal per jaar besproken in de
Stuurgroep Wonen.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2
Artikel 2.6.11
Hardheidsclausule
Onderdeel van Huisvestingsverordening Diemen 2016