Gedeputeerde Staten hanteren voor de rangschikking als bedoeld in artikel 1.15 en artikel 2.4.9 van de Regeling de volgende criteria en daaraan gekoppelde punten:
a. Kosteneffectiviteit
Hier wordt gekeken naar de totale proces- en procedurekosten per geruilde ha
indien de gemiddelde kosten maximaal € 500,- per geruilde hectare bedragen
5 punten
indien de gemiddelde kosten tussen € 500,- en € 1.000,- per geruilde hectare bedragen
3 punten
indien de gemiddelde kosten groter dan of gelijk zijn aan € 1.000,- per geruilde hectare
0 punten
b. De mate waarin de activiteit bijdraagt aan één of meerdere (beleids)doelen zoals genoemd in het Programma Landelijk Gebied:
nut landbouw (huiskavelvergroting, kavelconcentratie, afstandsverkorting, bedrijfsvergroting):
maximaal 3 punten
nut natuur (beschikbaar krijgen van gronden middels ruilingen binnen begrensde natuur (Natuurnetwerk Nederland, zoals weergegeven op kaart 4 van de Omgevingsverordening provincie Groningen 2009))
maximaal 3 punten
nut water (beschikbaar krijgen van gronden middels ruilingen in gebieden voor uitvoeringsmaatregelen van de Kader Richtlijn Water)
maximaal 3 punten
Score per aspect: 0=geen, 1 = laag, 2= gemiddeld, 3 = hoog
Artikel 9