Overgangsrecht
De alleenstaande jongere van 18 tot en met 20 jaar die in afwijking van bestending beleid een aanvulling op de algemene bijstand ontving die gebaseerd was op de bijstandsnorm van een 21 jarige, behoudt gedurende een termijn van maximaal één jaar, gerekend vanaf één maand na inwerkingtreding van deze beleidsregel, zijn recht op het surplus – dat is het gedeelte boven de norm van 75% van het minimumloon van een 21 jarige - aan bijzondere bijstand, met dien verstande dat het surplus als volgt wordt afgebouwd:
Eerste drie maanden nog 100% van het bedrag dat is uitgekeerd bovenop de norm van 75% van het minimumloon van een 21 jarige;
75& van dat bedrag, gedurende de 4e, 5e en 6e maand;
50% van dat bedrag in de 7e, 8e en 9e maand;
25% van dat bedrag in de 10e, 11e en 12e maand;
na 12 maanden een uitkering in lijn met de beleidsregel bijzondere bijstand 18 tot en met 20 jarigen Participatiewet.
De afbouwregeling geldt net zo lang als de uitkering, maar niet langer dan 1 jaar.
De afbouwregeling stopt als de uitkering eerder stopt binnen het jaar en herleeft - niet bij hervatting van het recht op bijstand.
De afbouwregeling treedt in werking een maand na vaststelling van de onderhavige beleidsregel door het college.
Intrekken beleidsregel bijzondere bijstand 18 tot en met 20 jarigen Wet werk en bijstand.
De beleidsregel bijzondere bijstand 18 tot en met 20 jarigen Wet werk en bijstand wordt ingetrokken.
Inwerkingtreding
Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmakingdatum .
Artikel II
Artikel II
Onderdeel van Beleidsregel hoogte bijzondere bijstand 18 tot en met 20 jarigen niet in inrichting Helmond 2016