Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.

Ontheffing danwel afwijking van de parkeerregels

Onderdeel van Beleidsregels parkeren

1.Daar waar de parkeerregels bepalen dat er ontheffing verleend danwel afwijking vergund kan worden indien het voldoen aan de parkeerregels door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit, geldt het volgende. Dit is het geval als er naar het oordeel van het College van B&W sprake is van een situatie waarin het bijzonder gemeentelijk belang van het project zwaarder weegt dan het niet (geheel) voldoen aan de parkeerregels. In bijlage 5 worden situaties beschreven ten aanzien waarvan het College bij voorbaat van mening is dat er sprake is van een situatie waarin het bijzonder gemeentelijk belang van het project zwaarder weegt dan het niet (geheel) voldoen aan de parkeerregels. Andere situaties worden door het College ad hoc beoordeeld. 2.Daar waar de parkeerregels bepalen dat er ontheffing verleend danwel afwijking vergund kan worden indien er op andere wijze in de benodigde parkeer- of stallingsruimte wordt voorzien, geldt het volgende. Dit is, in voorgeschreven volgorde, het geval wanneer: de benodigde parkeer- of stallingsruimte door degene die een project wil realiseren binnen een redelijke loopafstand wordt gerealiseerd; of, wanneer dit niet het geval is, er voldoende ruimte op de openbare weg, binnen een redelijke loopafstand, aanwezig is om de parkeerbehoefte op te vangen of, wanneer ook dit niet het geval is, er, naar het oordeel van het college van B&W, voldoende mogelijkheden voor de gemeente zelf zijn om binnen een redelijke loopafstand een oplossing voor de parkeerbehoefte te realiseren. Wat een redelijke loopafstand is, is bepaald in bijlage 6. Een ontheffing/afwijking op grond van artikel 3 lid 2 sub b wordt per definitie niet verleend bij een project in het centrumgebied zijnde binnenstad en omgeving (zoals begrensd in bijlage 4). Voor een project in dit gebied is per definitie het uitgangspunt dat er niet voldoende ruimte op de openbare weg is om de parkeerbehoefte op te vangen. Een ontheffing/afwijking op grond van artikel 3 lid 1 van deze beleidsregels kan alleen worden verleend als duidelijk is geworden dat een ontheffing/afwijking op grond van artikel 3 lid 2 van deze beleidsregels niet mogelijk is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel