Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2.

Artikel 2.

Inleidende bepaling commissie

Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften Maassluis 2016

1.. Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester. 2.. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen: Besluiten op grond van een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken Besluiten op grond van de Huisvestingsverordening Stadsregio Rotterdam Besluiten die in mandaat namens het college door of namens het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Stroomopwaarts MVS zijn genomen. 3.. De secretaris van de commissie en de commissie zijn bevoegd het college te adviseren inzake bezwaarschriften die niet voldoen aan het bepaalde in de artikelen 6:5, 6:7 en over bezwaarzaken waarbij artikel 7:3 van de wet is toegepast. 4.. In plaats van het horen en adviseren over een bezwaar door de commissie kan het horen en adviseren ambtelijk plaatsvinden overeenkomstig artikel 8 van deze verordening. Het college wijst bij afzonderlijk besluit categorieën of soorten besluiten aan waarover ambtelijk kan worden gehoord en geadviseerd.. 5.. Bij instelling van een afzonderlijke bezwaarschriftencommissie, die bevoegd is t.a.v. bezwaarschriften genoemd in het derde lid onder c, kan in het reglement of de verordening van de afzonderlijke bezwaarschriftencommissie worden bepaald dat de secretaris van de commissie beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel