Naar hoofdinhoud

Artikel 7.

Termijnen van betaling

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2006

1.. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in vier gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 2.. In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen afvalstoffenheffing of andere heffingen meer is dan € 100,00 doch minder dan € 2.000,00 en het totaalbedrag van dat aanslagbiljet door middel van automatische incasso van de betaalrekening van de belastingplichtige worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in negen gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgende op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 3.. De op grond van artikel 6, vijfde lid, geheven belasting is verschuldigd: ingeval van uitreiking van de kennisgeving: op het tijdstip van uitreiking; ingeval van toezending van de kennisgeving: binnen één maand na de dagtekening. 4.. De Algemene termijnwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel