Met betrekking tot deze subsidie geldt, voor zover het subsidieplafond dat toelaat, de volgende verdeling per kalenderjaar:
ieder wijkorgaan krijgt eenzelfde, door het college te bepalen, bedrag voor het bestrijden van de apparaatskosten;
het restantbedrag van het subsidieplafond is beschikbaar voor activiteiten. Het door de wijkorganen in te dienen wijk(activiteiten)plan vormt de basis voor de toekenning;
alle wijkorganen kunnen tot eenzelfde bedrag een beroep doen op het hiervoor bedoelde restantbedrag;
de mogelijkheid wordt geboden een (grotere) activiteit te plannen in een volgend kalenderjaar en het op basis van het subsidieplafond beschikbare activiteitenbedrag daartoe te reserveren.