Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 1 › Paragraaf 6

Artikel 2.1.6.8

Gevaarlijk of hinderlijk voorwerp

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening

1.. Het is verboden op of aan de weg op enigerlei wijze prikkeldraad, schrikdraad, puntdraad of andere scherpe voorwerpen aan te brengen of te hebben lager dan twee meter boven de hoogte van de weg. 2.. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet ten aanzien van prikkeldraad, schrikdraad, puntdraad of andere scherpe voorwerpen, die op grotere afstand dan 0,25 meter uit de uiterste boord van de weg, op van de weg af gerichte delen van een afscheiding zijn aangebracht. 3.. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder weg verstaan hetgeen artikel 1 van de Wegenverkeerswet daaronder verstaat.

Rechtspraak bij dit artikel