Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Afdeling 3

Artikel 3.3.2

Weigeringgronden

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening

1 De vergunning als bedoeld in artikel 3.2.1, eerste lid, wordt geweigerd indien: a de exploitant - indien een rechtspersoon: de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon bevoegde natuurlijke perso(o)n(en) - of de beheerder niet voldoet aan de in artikel 3.2.2 gestelde eisen; b de vestiging of de exploitatie van de seksinrichting of het escortbedrijf in strijd is met een geldend bestemmingsplan, een in procedure zijnd plan, stadsvernieuwingsplan of leefmilieuverordening; c er aanwijzingen zijn dat in de seksinrichting of het escortbedrijf personen werkzaam (zullen) zijn in strijd met artikel 250a van het Wetboek van Strafrecht, of met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet bepaalde; d de aanvrager niet door het overleggen van een door het college van burgemeester en wethouders afgegeven geschiktheidverklaring kan aantonen dat het bedoelde pand voldoet aan de ex artikel 3.1.3 gestelde nadere regels; e het maximale aantal af te geven vergunningen voor seksinrichtingen of escortbedrijven is verleend; f de vergunning is aangevraagd voor een raamprostitutiebedrijf dat niet is gevestigd in de percelen Nieuwe Markt 24 tot en met 40 (even nummers). 2 De vergunning bedoeld in artikel 3.2.1, eerste lid, dan wel de aanwijzing of vaststelling bedoeld in artikel 3.2.6, tweede lid, kan worden geweigerd: a in het belang van de openbare orde; b in het belang van het voorkomen of beperken van overlast; c in het belang van het voorkomen of beperken van aantasting van het woon- en leefklimaat; d in het belang van de veiligheid van personen of goederen; e in het belang van de verkeersvrijheid of -veiligheid; f in het belang van de gezondheid of zedelijkheid; g in het belang van de arbeidsomstandigheden van de prostituee.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel