Dit artikel is opgenomen om te vermijden dat de boom al feitelijk gekapt is voordat derden kennis van de kapvergunning hebben kunnen nemen. Hierdoor wordt aangesloten op formuleringen en systematiek uit de rechtspraak en de procedures die gelden voor verlenen van bouw- en milieu-vergunningen (Algemene wet bestuursrecht). De opschortende werking van dit voorschrift is niet van toepassing tijdens de beroepstermijn. Dit is om oneigenlijk gebruik door bezwaarmakers te voor-komen. Bouw of aanleg zouden dan op basis van het instellen van beroep tegen een kapvergunning voor een (niet-waardevolle) boom maandenlang opgehouden kunnen worden. Dit betekent dat bezwaarmakers om tussentijdse kap te voorkomen tijdens de beroepstermijn tegelijkertijd met het indienen van een beroepschrift een verzoek tot voorlopige voorziening moeten indienen bij de voorzieningenrechter van de rechtbank. Ter voorkoming van directe kap na het ongegrond verklaren van de bezwaren, is een termijn van één week vastgesteld waarin niet gekapt mag worden en de bezwaarmakers de mogelijkheid hebben een beroepschrift en een verzoek tot voorlopige voorziening in te dienen.
Artikel 6
Standaardvoorschrift van niet-gebruik
Onderdeel van Bomenverordening gemeente Doetinchem 2010