**1..** Het bestuursorgaan zal, met inachtneming van hetgeen in deze beleidslijn en bijlagen daarover is bepaald, de wet in beginsel toepassen met betrekking tot beschikkingen en transacties zoals vermeld in:
artikel 3 van de Drank- en Horecawet, indien sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm van de onderneming tenzij sprake is van een slijterij. Een uitzondering wordt ook gemaakt voor vergunningen die worden verleend aan para commerciële instellingen, als bedoeld in artikel 4 van de Drank en Horecawet. Deze uitzondering geldt niet wanneer wordt onderzocht of een al verleende vergunning kan worden ingetrokken of wanneer een tip van de Officier van Justitie is binnengekomen;
artikel 3.4 (seksinrichtingen) van de Algemene plaatselijke verordening 2010, indien sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm van de onderneming;
in de gevallen waarin op grond van de indicatorenlijst uit bijlage 1 sprake is van een situatie die aanleiding geeft tot het doen van nader onderzoek;
artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, e en i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in de categorieën zoals aangegeven in bijlage 2;
artikel 2. 25 (evenementen) van de Algemeen plaatselijke verordening 2010 indien sprake is van een evenementenvergunning die de burgemeester kan weigeren indien de openbare orde, openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt en die betrekking heeft op een evenement zoals aangegeven in bijlage 3.
**2..** Het bestuursorgaan kan, met inachtneming van het geen in deze beleidslijn daarover is bepaald, de wet in beginsel toepassen met betrekking tot beschikkingen zoals vermeld in:
de artikelen 9.2.2.3 en 11.2 van de Wet Milieubeheer;
de artikelen 8 eerste lid, 22 en 23 van de Huisvestingswet 2012
artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Voorschoten 2009.
**3..** Het bestuursorgaan kan, met inachtneming van hetgeen in deze beleidslijn daarover is bepaald, de wet in beginsel toepassen met betrekking tot vastgoedtransacties zoals bedoeld in artikel 1, onderdeel i, waarbij de gemeente partij is, indien sprake is van vastgoedtransacties, zoals aangegeven in bijlage 4.
**4..** Het bestuursorgaan kan, met inachtneming van hetgeen in deze beleidslijn daarover is bepaald, de wet in beginsel toepassen met betrekking tot overheidsopdrachten ten aanzien van een gegadigde of onderaannemer in de zin van de wet, in gevallen zoals aangegeven in bijlage 5.
**5..** Het bestuursorgaan kan, met inachtneming van hetgeen in deze beleidslijn daarover is bepaald, de wet eveneens toepassen met betrekking tot de intrekking van de in het eerste en tweede lid genoemde vergunningen en subsidies.
**6..** Bij vastgoedtransacties en overheidsopdrachten, zoals aangegeven in bijlage 4 en 5, zal het bestuursorgaan bedingen dat de overeenkomst kan worden ontbonden op de gronden vermeld in artikel 3, eerste lid, artikel 3, zesde lid, alsmede artikel 4 van de wet. Ook kan het bestuursorgaan bedingen dat onderaannemers alleen met toestemming van de gemeente kunnen worden gecontracteerd en dat in dat kader een advies kan worden gevraagd.
Artikel 2
Toepassingsbereik van de Wet Bibob in de gemeente Voorschoten
Onderdeel van Beleidslijn 2016 voor de toepassing van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door de gemeente Voorschoten