In deze regeling wordt verstaan onder:
mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen;
volmacht: de bevoegdheid om namens een bestuursorgaan privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;
machtiging: de bevoegdheid, om namens een bestuursorgaan handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;
mandaatgever: het bestuursorgaan dat aan een bij functie in het mandaatoverzicht genoemde functionaris de bevoegdheid geeft om in naam van het bestuursorgaan besluiten te nemen;
gemandateerde: de functionaris, die van de mandaatgever de bevoegdheid heeft gekregen om in naam van de mandaatgever besluiten te nemen;
plaatsvervanger: de daartoe aangewezen functionaris;
mandaatoverzicht: een overzicht waarin is opgenomen welke functionaris bevoegd is namens een bestuursorgaan een bevoegdheid uit te voeren;
portefeuillehouder: het collegelid waaraan zaken als bedoeld in artikel 2, eerste lid van het Reglement vergaderingen en werkzaamheden college 2010, zijn toevertrouwd;
mandaatbesluit: het mandaatbesluit, ondermandaatbesluit van de directeur en het mandaatoverzicht gezamenlijk, daar waar in het mandaatbesluit of ondermandaatbesluit gesproken wordt over mandaat wordt tevens machtiging of volmacht bedoeld tenzij hiermee wettelijke bepalingen geschonden worden;
mandaatreglement: het mandaatreglement 2016. Het mandaatreglement bevat algemene regels over het gebruik van de mandaten, volmachten en machtigingen.
Artikel 1