1.
Het advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd – behoudens spoedeisende zaken minimaal vier weken voordat de besluitvorming plaatsvindt - dat het van wezenlijk invloed kan zijn op de besluitvorming.
Dit houdt in ieder geval in, dat:
a.
bij nieuw beleid de Wmo-raad wordt betrokken bij het vaststellen van hoofdlijnen van het beleid;
b.
bij evaluatie van beleid de Wmo-raad in ieder geval wordt betrokken bij het vaststellen van vragen die ten grondslag liggen aan deze evaluatie.
2.
Voor zover de Wmo-raad gepubliceerde collegevoorstellen onder de aandacht krijgt waarvoor men geen verzoek om adviesverstrekking heeft ontvangen, maar waarover men toch wil adviseren, dan stelt de Wmo-raad het college hiervan onmiddellijk schriftelijk op de hoogte.
3.
Uiterlijk zes weken nadat advies is gevraagd, of nadat de kennisgeving zoals bedoeld in het tweede lid is uitgebracht, wordt door de Wmo-raad geadviseerd.
4.
De Wmo-raad kan zich ten behoeve van zijn adviserende taak laten informeren en adviseren door derden.
5.
De Wmo-raad kan leden van het college of gemeentelijke functionarissen uitnodigen om nadere uitleg te geven over voorliggende voorstellen of onderwerpen. Op verzoek van de Wmo-raad verstrekken de onderscheiden gemeentelijke diensten en afdelingen inlichtingen.
6.
Het college maakt aan de hand van de beleidscyclus en in overleg met de Wmo-raad afspraken over:
a.
de onderwerpen waarover de Wmo-raad geconsulteerd wordt;
b.
de wijze en het moment waarop de Wmo-raad in het beleidsvormingsproces wordt betrokken, en
c.
het beschikbare budget Wmo op basis van activiteiten en begroting.
Artikel 4
Werkwijze
Onderdeel van Verordening cliëntenparticipatie Wet maatschappelijke ondersteuning en Jeugdwet 2016 gemeente Emmen