De gemeente stelt aan de Wmo-raad subsidie ter beschikking ten behoeve van zijn reguliere activiteiten.
Deze middelen dienen in ieder geval ter bestrijding van:
onkosten van de vrijwilligers;
de kosten van speciale voorzieningen in verband met handicap (ringleiding, speciale leesvormen, doventolk);
de kosten van deskundigheidsbevordering;
de kosten van aanschaf van documentatie, literatuur en vaktijdschriften;
de kosten van inschakelen van eigen (professionele) ondersteuning, inhoudelijk en organisatorisch;
de kosten verbonden aan faciliteiten voor kantoor, correspondentie, telefoon, computergebruik en internetaansluiting;
de kosten van faciliteiten voor overleg met en activering van de achterban;
de kosten van faciliteiten voor het verzorgen van voorlichting en pr met betrekking tot de eigen organisatie en
de kosten van faciliteiten voor overleg en afstemming met andere, voor het beleid van belang zijnde, groepen.
Deze subsidie wordt zodanig ter beschikking gesteld dat de Wmo-raad redelijkerwijs in staat kan worden geacht namens een brede achterban gemeenschappelijke belangen te behartigen.
De subsidie wordt jaarlijks toegekend op basis van een begroting. Jaarlijks voor 1 oktober wordt de begroting ingediend.
Jaarlijks voor 1 april legt de Wmo-raad middels een exploitatierekening, rekening en verantwoording af van de door hem in het voorafgaande jaar bestede gelden.
Voor niet-reguliere activiteiten kan, indien het college of de raad daarmee instemt, een projectsubsidie worden toegekend.
Artikel 9
Faciliteiten
Onderdeel van Verordening cliëntenparticipatie Wet maatschappelijke ondersteuning