De colleges van burgemeester en wethouders, de burgemeesters en
het dagelijks bestuur en de voorzitter van de Werkmaatschappij
8KTD verlenen met betrekking tot de hun toegedeelde bevoegdheden
mandaat, volmacht en machtiging aan de in de bijlagen genoemde
functionarissen, voor zover in overeenstemming met de
voorschriften genoemd in dit Algemeen mandaatbesluit.
Mandaat wordt verleend aan de directeur/secretaris. Deze is
bevoegd tot het verlenen van ondermandaat aan een manager, die
op zijn/haar beurt bevoegd is ondermandaat te verlenen aan een
teamopbouwer. De teamopbouwer is bevoegd ondermandaat te
verlenen aan de functionaris die de bevoegdheden feitelijk
uitvoert.
De uitoefening van in de mandaat uit te oefenen bevoegdheden
vindt plaats binnen het voor het betreffende terrein
vastgestelde beleid en binnen de daarvoor door de raad
vastgestelde budgetten.
In de volgende gevallen pleegt de gemandateerde eerst overleg
met de directeur/secretaris (als eerste mandaathouder), die
vervolgens beslist of het besluit door het college van
burgemeester en wethouders, de burgemeester resp. het dagelijks
bestuur, de voorzitter van de Werkmaatschappij zelf moet worden
genomen:
a.de te nemen beslissing wijkt (op een onderdeel) af van
bestaand beleid, richtlijnen of voorschriften
(de door het bevoegde bestuursorgaan vastgestelde beleidsregels, die
betrekking hebben op de gemandateerde bevoegdheden, worden bij de
uitoefening van het mandaat altijd in acht genomen)
er bestaat het voornemen tot aanvulling of wijziging van
het bestaand beleid, richtlijnen of voorschriften.
uit de te nemen beslissing kunnen niet voorziene
financiële of andere belangrijke consequenties
voortvloeien.
tijdens de voorbereiding van het besluit komt naar voren
dat daartegen bezwaar of beroep zal worden
ingesteld.
tijdens de voorbereiding van het besluit komt naar voren
dat de te nemen beslissing bestuurlijk of
maatschappelijk gevoelig ligt.
het om zwaarwichtige onderwerpen gaat, die voorzienbaar
politieke consequenties met zich mee zullen brengen dan
wel ongewenste precedentwerking kunnen hebben;
het onderwerpen betreft, waarbij de standpunten van de
portefeuillehouder, de ambtenaar en/of adviserende
instanties uiteenlopen;
de (onder)gemandateerde of zijn plaatsvervanger, de
gemeentesecretaris/directeur of de manager daartoe de
wens te kennen geeft/geven.
Alle mandaten en ondermandaten zijn vastgelegd in de bijlagen
van het mandaatbesluit.
Toelichting
Dit artikel geeft de belangrijkste (politieke) randvoorwaarden
voor mandaatverlening. Alle bevoegdheden moeten in het licht van
deze bepaling worden uitgeoefend.