Naar hoofdinhoud

Artikel 8.

Weigerings-, intrekkings- en wijzigingsgronden

Onderdeel van Algemene subsidieverordening Midden-Delfland 2016

1.. Het college kan, naast de in artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 Awb genoemde weigeringsgronden, de subsidie in ieder geval weigeren: als de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd niet passen in het beleid van de gemeente; als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate gericht zijn op de gemeente, het landschap van Midden-Delfland of haar ingezetenen, of als ze onvoldoende ten goede komen aan de gemeente, het landschap van Midden-Delfland of haar ingezetenen; als het gaat om activiteiten die niet algemeen toegankelijk zijn; als de activiteiten gericht zijn op het uitdragen van levensbeschouwelijke of politieke overtuigingen; als het gaat om activiteiten in het kader van een jubileum of lustrumviering; voor zover activiteiten gericht zijn op het maken van winst; als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het uitvoeren van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd; als in het beoogde doel of de voorgenomen activiteit(en) al op andere wijze is voorzien; in het geval en onder de voorwaarden, als bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur; als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; als de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde; als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een wettelijk voorschrift; in de bij de geldende subsidieregeling bepaalde gevallen. 2.. Het college kan, naast de in artikel 4:48 Awb genoemde intrekkings- en wijzigingsgronden, de subsidie in ieder geval intrekken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel